| Article Index |
|---|
| Matchless of Plumstead |
| AJS of Wolverhampton |
| A.M.C. |
| All Pages |
AJS OF WOLVERHAMPTON

Motorfietsen. Ook rond deze tijd begon zoon Harry interesse te krijgen in door motorkracht aangedreven fietsen. Hij bouwde de oude Mitchell motor in een BSA fietsframe. Het project bleek een succes dat ook de aandacht trok van ene William Clarke, directeur van de 'Wearwell Motor Carriage Co Ltd'. William Clarke was een fietsenfabrikant die ook graag motorfietsen wilde gaan bouwen. Er werd een zakelijke overeenkomst aangegaan waarin Stevens de motorblokken leverde en Clarke de fietsen. Aldus kwamen in 1901 de eerste Wearwell-Stevens motorfietsen op de markt. De motoren bezaten een 2 1/2 PK viertakt blok. In 1903 bouwden de gebroeders Stevens (4 stuks ondertussen) hun eerste complete motorfiets, waarmee hun zusters de omgeving van Wolverhampton onveilig maakten. De jaren die volgenden waren in zowel zakelijk als technisch opzicht goed te noemen. Aan de samenwerking met de heer Clarke kwam een einde toen bleek dat zijn procuratiehouder, ene King, nogal wat geld achterover had gedrukt dat hij besteedde aan drank, vrouwen en vooral gokken. De broers besloten samen, geheel zelfstandig verder te gaan. Om hun eigen produkt te beschermen moest er een nieuwe 'Company' worden opgericht. Men besloot om voor de produkten als herkenning slechts initialen te gebruiken. Omdat broer Jack de enige was met een tweetal doopnamen, te weten Albert John, werd besloten vanaf dat moment de naam AJS te gaan voeren. Op 14 november 1909 werd de firma A.J. Stevens en Co LTD ingeschreven. Aandeelhouders waren 4 broers Stevens: George, Joe junior, Harry en Jack. De eerste motoren die ze op de markt brachten waren het model A en B. De jaren na de oprichting van de nieuwe firma waren jaren van steeds verdere techni- sche perfectionering en doorontwikkeling van hun produkt. Daarnaast werd er veelvuldig deelgenomen aan allerlei soorten van races omdat daar enorme ervaring kon worden opgedaan en het tevens de verkoop enorm stimuleerde. In 1912 werd het Model 'D' op de markt gebracht, een 50 graden V-twin van 631 cc die 5 pk leverde. In 1916 moest de produktie worden gestaakt omdat men op bevel van de overheid moest overschakelen naar de oorlogsindustrie. Het bedrijf begon vliegtuigonderdelen te maken, hier deed men zeer veel kennis mee op, kennis die later zeer van pas zou komen. Men leerde er onder andere de grote voordelen van de kopklepmotor door kennen. Na de oorlog, in 1919, kwam men met een nieuw model. Het was een verbeterde versie van de Model 'D'. De cilinderinhoud was vergroot naar 748 cc nu met afneembare koppen en een nieuwe voorvork. Op verzoek kon er een elektrische lichtinstallatie geleverd worden. Tevens was het mogelijk de motor afgeleverd te krijgen met een zijspan.
Big-Port.
In de tweede helft van 1919 begonnen de broers zich bezig te houden met de ontwikkeling van een 1-cilinder kopklepmotor. Het project kreeg als type-aanduiding D-4150 mee, maar werd wereldberoemd onder de naam Big-Port. De Big-Port werd vanaf 1920 een begrip en zou in hoge mate de verdere geschiedenis van AJS gaan bepalen. We zijn nu terecht gekomen in de tijd tussen de beide wereldoorlogen dat als een nieuw technisch tijdperk kan worden beschreven. 1920 was dus zoals gezegd het begin van de Big-Port periode. De eerste racer die in 1920 de circuits opging viel dan ook op door zijn kachelpijp dikke uitlaatbocht die begon bij een verhoudingsgewijs zeer kleine cilinder. De dikke uitlaatbocht was slechts een optisch waarneembare verandering. Binnenin was ook zo ongeveer alles veranderd, zo stonden de kleppen nu in een V-vorm en gaf het machien ruim 12 pk af. Er werd mee deel- genomen aan de junior TT op Mann. Het zou een historische deelname worden. Cyril Williams drukte na 7 km duwen totaal uitgeput zijn motorfiets als winnaar over de finish, zijn voorsprong op nr. 2 bedroeg toch nog bijna 10 minuten !! Hoezo oppermachtig? De jaren die volgden waren de gouden jaren voor het bedrijf.
Het bedrijf expandeerde enorm en had daar ook de mogelijkheid toe omdat men in voorgaande jaren een landgoed had gekocht genaamd 'Graisely House' waar veel grond omheen lag. Die grond zou een groot industrieel gebied worden. Eind jaren 20 moest geconcludeerd worden dat de AJS-modellen waren achtergebleven bij andere merken.De frames waren verouderd, men gebruikte nog steeds platte tanks en te kleine remmen. Rond 1928 probeerde men het tij nog te keren, maar mede door de slechte economische situatie ging het steeds verder bergafwaarts. Men ging aan het werk met de ontwikkeling van nieuwe modellen. In 1930 verschenen er 4 nieuwe sloper modellen, de kopkleppers werden uitgevoerd met een dubbel uitlaatsysteem en er werd een nieuwe V-twin aan- gekondigd met de cilinders haaks op de rijrichting en de machine was uitgerust met een cardan. Het mocht echter allemaal niet meer baten. Door de torenhoge schulden werden de gebroeders Stevens gedwongen hun onderneming te verkopen. De nieuwe eigenaren werden de gebroeders Collier uit Londen, de producenten van één van de oudste motormerken: Matchless. Door een betere modellenpolitiek en wat meer terug- houdendheid in de racerij had dat bedrijf de moeilijke tijden beter doorstaan. Vanaf 1932 kwamen de AJS motorfietsen niet meer uit Wolverhampton maar van de Plumstead Road te Londen.



